Het Geparentificeerde Kind (The Parentified Child)

Kernpatroon:
Werd de ouder van zijn eigen ouders of broers/zussen.

Ontstaan:
Vaak in gezinnen met emotionele verwaarlozing, ziekte of verslaving. Het kind moest volwassen worden voordat het kind kon zijn.

Typisch gedrag:
– Sterk verantwoordelijkheidsgevoel
– Moeite met hulp vragen
– Schuldgevoel bij ontspanning
– Verwarde grenzen tussen ‘ik’ en ‘de ander’

Herstelthema:
Je mag weer kind zijn. Je mag ontvangen, falen, lachen en spelen — zonder dat iemand dat van je afpakt.

68% Schuldgevoel

80% Mensen-pleasen

73% Hechtingsproblemen

70% Angst

70% Moeite met grenzen

Kern: Nam te vroeg de ouderrol op zich, voelt zich verantwoordelijk voor het welzijn van anderen, heeft moeite om kind te zijn of hulp te vragen.